Objector, Dead Serious, Sanity’s Rage @ DVG Club, Kortrijk.
Heeft u dat ook, avonden waarvan je op voorbaat weet, dit wordt gewoonweg een topavond? Dat overkwam ons op zaterdag 28 maart in een zeer goed vol gelopen DVG Club te Kortrijk. Op het menu, een ‘Old School Thrash Fest’ met Belgische pareltjes, die nog veel te weinig waardering krijgen binnen onze contreien. Sanity’s Rage, Dead Serious en Objector deden elk op hun eigen wijze het dak er compleet afvliegen. En eigenlijk was geen enkele band beter dan de ander, de gehele avond was er eentje op in de analen te schrijven. De thrash metal underground is meer dan springlevend, zoveel is duidelijk!
*Foto’s: Sanity’s Rage*
Neem nu Sanity’s Rage die al sinds 2002 aan de weg timmeren, met een technische perfectie, rauwe aankleding en een boom van een zanger die met bulderende stem zijn publiek voortdurend aanport. “Als een bende losgeslagen bulldozers denderden ze over iedereen heen. Mokerslagen ten top.”, schreven we over hun aantreden in diezelfde DVG Club te Kortrijk eind 2025. Ook nu weer leek de pletwals maar niet te stoppen. De aanstekelijke riffs, verpulverende vocalen en oorverdovende drumwerk deden de grond onder onze voeten voor het eerst daveren. Sanity’s Rage kreeg de handen dan ook moeiteloos op elkaar, met deze technisch hoogstaande thrash metal aanpak, waar geen speld viel tussen te krijgen.
*Foto’s: Dead Serious*
Na tweeëndertig jaar afwezigheid, direct al de deuren instampen, menig zaal in vuur en vlam zetten en zelfs een plaatse op de affiche van “Alcatraz Metal Fest” bemachtigen, zonder een nieuwe plaat uit te brengen? Het lijkt zo uit een sprookjes boek geschreven, maar toch slaagde Dead Serious met brio in hun opzet. De band bewees ons op hun try-out in eigen huis – Zele – dat het vuur nog steeds brandende is, en lijkt anno 2026 op weg een van de aangenaamste nieuwe verrassingen te worden binnen het metal wereldje. In DVG Club halen ze wederom verpulverend uit, door middel van een combinatie van jong geweld en jarenlange ervaring binnen de scene. Zonder elkander in de weg te lopen, kijken elk van de bandleden dezelfde kant uit en dat zorgt voor het nodige vuurwerk dat ook zijn uitwerking heeft op het publiek. Die reageerden iets minder uitzinnig als op die try-out eind vorig jaar, met rondvliegende bad eendjes en ander attributen. Maar het publiek ging stevig uit zijn dak, en dat was gewoon de aanleiding om een schepje erbovenop te doen. Zo ging Jan Schepens met zijn gitaar op de schouders van een imposante fan zitten en liet zich rond dragen doorheen het publiek, tot hilariteit van iedereen. Over een typisch old school thrash metal feestje gesproken? Dead Serious deed verleden en heden perfect samenvloeien, en zet hun rit naar een gouden toekomst na al die jaren gewoon verder. Klasse!
*Foto’s: Objector*
Het gemis van een moshpit vulde Objector dan weer wel in. We volgen de band al van het prille begin – het was voor ondertekende de tiende keer dat ik hen live zag. Nog nooit heeft Objector ons ontgoocheld. Integendeel zelfs! We vonden, en vinden dat nog steeds, ze een van de meest onderschatte metalbands die ons landje rijk zijn. De sublieme manier waarop gitaren klieven, drumsalvo’s rond de oren vliegen en hoe een frontman zijn stem en uitstraling in de weegschaal gooit. Telkens opnieuw, en opnieuw? Daar kunnen menig band, ja zelfs de groter namen, binnen die typische thrash metal scene nog veel van leren. Objector gaat vanaf de eerste seconde tekeer als een ongeleid projectiel. En lijkt een niet te stoppen sneltrein, die over de hoofden van de aanwezigen davert tot niemand meer stil staat. Waar de twee vorige bands niet zo goed in slaagden, lukte Objector wel de ene moshpit na de andere doen ontstaan, en zelfs een wall of death. Tot jolijt van alle aanwezigen, zorgde Objector voor de ultieme kers op de taart van een bijzonder boeiende en duivelse avond van de meest pure thrash metal die je maar kunt indenken. Beter dan dit zal het nooit meer worden! Wat een knal van een avond beleefden we hier.
Met dank aan Dead Serious en de complete crew bij DVG Club.
Tekst: Erik Van Damme.
Foto’s: Karl Vandewoestijne (4T6 Photography).